Op reis met Stijn, Ellen, Teun en Tessel

Reizen met kleine kinderen

IMG_0580b“Ver op reis met kleine kinderen, moet je dat nou wel doen? Ze herinneren zich er toch niets van.”
“Achgussie, is dat nou niet zielig voor de kinderen, al dat gesleep?”
“Waarom boek je niet gewoon een huisje in Centerparks?”

Dit soort vragen krijgen wij redelijk vaak. Het antwoord is eigenlijk vrij simpel: ver op reis met kinderen gaat prima. Het is allemaal echt niet zo moeilijk. Het is eigenlijk niet veel anders dan een vliegreisje naar de Spaanse zon. Je zit alleen wat langer in het vliegtuig en moet iets dieper nadenken over de voorbereiding. Dat is het in een notendop.

Wat hebben wij bereisd met de kinderen?

Toen we in 2011 voor het eerst met Teun ver op stap gingen – naar Amerika – was hij 11 maanden. We waren in 2010 al twee maal eerder met hem met het vliegtuig op reis geweest om proef te draaien voordat we deze wat verdere tocht gingen ondernemen. En Amerika is een zeer veilige en makkelijk te bereizen bestemming. Een peulenschilletje dus.

Uit ervaring wisten we dus al dat we in Amerika veel konden gaan rijden (dan sliep Teun goed), niet te lang en niet te veel in de zon moesten lopen (daar werd hij vrij narrig van), hem niet op schoot moesten nemen in het vliegtuig (meneer zat geen minuut stil) en een autostoeltje en een babybedje mee moesten nemen.  Het autostoeltje hebben we zowel in het vliegtuig als in de camper en tijdens taxiritten gebruikt. Het reisbedje vanuit Nederland meenemen lijkt veel gesleep – en dat was het ook wel – maar Teun sliep op dat moment helaas niet in een Deryan lichtgewicht reiswiegje. We hadden in Nederland een aantal keren proefgedraaid in de Deryan en meneer wilde hier absoluut niet in slapen. Jammer, want dat was namelijk een prima oplossing geweest. Maar goed – elk nadeel heb ze voordeel – het meegesleepte reisbedje konden we nu ook als box gebruiken. Hier hebben we echt heel veel gebruik van gemaakt. Overdag kon Teun veilig buiten de camper spelen en ’s nachts hebben we het bedje bovenop het camperbed gezet. Dat werkte prima.

IMG_7402In april 2011 gingen we vervolgens met Teun ruim 3 weken naar Zuid-Afrika. Hij was toen 18 maanden oud. We stippelden vanaf Kaapstad een mooie route uit langs een aantal nationale parken en natuurreservaten, waaronder het West Coast NP, Tsitsikamma NP, Addo Elephant NP en De Hoop Nature Reserve. Ook bezochten we de wijngebieden rond Stellenbosch en Franschhoek en de stadjes Oudtshoorn, Stellendam, Knysna en Montagu. We hebben redelijk wat kilometers gereden, maar het wel rustig aan gedaan. Op de meeste plekken hebben we minimaal 2 nachten overnacht. De Deryan werkte intussen prima. Dus die ging dit keer mee in plaats van het campingbedje.

In januari 2012 was het tijd voor ruim twee weken Cuba. We huurden een auto en hebben bij mensen thuis overnacht in casas particulares. Teun was tijdens deze reis 2½. We hadden van tevoren bijna alle accommodaties geregeld en we spreken wat Spaans. No problemas dus.

Daarna was het even gedaan met het reizen omdat Tessel eraan kwam. Toen zij 8 maanden was hebben we de spullen weer ingepakt en zijn we met z’n vieren ruim 2 weken naar IJsland geweest. Een geweldige bestemming met kleine kinderen. We hebben met een 4WD een grote ronde gereden langs al het natuurgeweld dat IJsland te bieden heeft. En bijna al het moois ligt direct aan deze rondweg. Ook reisden we dat jaar af naar Gozo, een fijne compacte bestemming met kleine kinderen.

Curaçao was aan de beurt in januari 2014. 2 weken in een mooi huis met een zwembad. Pure luxe, en een makkie qua voorbereiding. Dat was wel iets anders bij  onze reis naar Japan in juli 2014. Daar zat wat meer denkwerk in. Hier lees je meer over de voorbereiding. In 2015 hebben we het relatief rustig aan gedaan, maar wel met twee supermooie en zeer kindvriendelijke bestemmingen: Wales en Noorwegen. En 2016 bracht ons in het oosten van Canada en Schotland.

En 2017? Dat brengt vast weer veel moois, in het voorjaar gaan we in ieder geval naar Taiwan.

Benieuwd naar onze favorieten? We hebben ze op een rijtje gezet.

Vlucht en ticket

DSCN0441We zijn doorgewinterde reizigers en hebben samen heel wat kilometers afgelegd in kleine vliegtuigjes, brakke taxi’s en krappe bussen zonder beenruimte. Maar als je gaat reizen met baby’s en peuters gaan een aantal oude reisregels toch niet meer helemaal op. Dan kom je erachter dat een beetje comfort tijdens het daadwerkelijke reisgedeelte best prettig is. Wij proberen met kinderen daarom eigenlijk altijd een eigen stoel te boeken, ook als ze nog geen 2 zijn. Soms is het echt te prijzig, maar als het even kan gaan we niet met een baby tien uur – of langer – op schoot zitten. Naar Curaçao hebben we vanwege de hoge vluchtprijzen 2 keer 11 uur met onze dochter op schoot gezeten. Dat was eigenlijk best wel een hel.

Als we dan een eigen stoel voor onze gup hebben nemen we een Maxicosi Priori SPS autostoel (9-18 kilo) mee het vliegtuig in. Ook wel zo handig als je een huurauto hebt geboekt, dan weet je ook meteen dat je een goede autostoel hebt.

Als je voor een baby een eigen stoel wilt boeken in plaats van hem/haar op schoot te nemen dan betaal je ongeveer 70% van de vluchtprijs (dit verschilt per maatschappij). Ga er nooit vanuit dat een eigen stoel te duur is. Voor onze tickets naar Japan bijvoorbeeld betaalden we voor een eigen stoel voor Tessel (1 jaar oud) slechts €150 voor een retourtje Amsterdam – Tokyo. Soms zijn er echt goede deals te vinden.

Per vliegmaatschappij zijn er verschillende regels hoe je je baby in een eigen stoel moet vervoeren. US Airways, KLM, Aeroflot en Arkefly – waar wij mee reisden – eisen en/of staan toe dat je een gecertificeerde autostoel meeneemt, zoals een Maxi-Cosi Priori SPS. Het cabinepersoneel weet er vaak echter geen raad mee. Die weten niet wat op hun eigen website staat en willen dan dat je de stoel incheckt als ruimbagage. Ons advies: poot stijfhouden en gewoon doordrammen. Zo hebben wij iedere keer toch het autostoeltje mee het vliegtuig in gekregen.

Als je eenmaal de vlucht en het type vliegtuig weet dan kun je op www.seatguru.com kijken welke faciliteiten het vliegtuig heeft, zoals een babywiegje (bassinet) of babymaaltijden. Dat hebben wij tijdens het boeken van onze reis naar Amerika gedaan en kwamen er dus achter dat in ons vliegtuig geen babywiegjes zouden zitten. Toen wisten we zeker dat we een eigen stoel voor onze zoon wilden boeken. Ga er ook vooral niet van uit dat je een babywiegje krijgt. Zelfs als je er een reserveert wil niet zeggen dat je ‘m krijgt. Wij hebben al heel wat wanhopige ouders in het vliegtuig zien onderhandelen met het personeel over vooraf geserveerde wiegjes die niet meer beschikbaar waren.

Veel goede tips voor het vliegen met kinderen staan op www.vliegenmetkinderen.nl.

Vervoer 

Wij houden ervan om de touwtjes zelf zoveel mogelijk in eigen handen te houden. Geen groepsreizen in een bus dus, of uren wachten op het openbaar vervoer. Wij rijden zelf.

Meestal huren we een auto – altijd voorafgaand aan de reis, dat is beduidend goedkoper dan in het land zelf. In Amerika huurden we een camper, wat als voordeel had dat Teun overal kon slapen waar wij dat wilden. We hadden de hele tijd ons huis bij ons. En dat is dan ook direct wel weer het onpraktische van een camper, maar wij vonden de voordelen zeker opwegen tegen de nadelen.

Autostoeltjes en zitverhogers nemen we altijd mee of kopen we ter plaatse. Daar vraagt het verhuurbedrijf meestal absurd hoge prijzen voor.

Eten

etenJe kent ze wel, mensen die over hun kinderen zeggen: “die van ons eten echt alles!”. Nou eten die van ons best goed, maar zeker niet alles. Wij zorgen er dus onderweg wel voor dat we altijd wat reservevoorraad – lees: koolhydraten – bij ons hebben waar we de wolven in tijden van hongerklap mee kunnen voeden. Maar heel veel extra moeite doen we er niet voor. We nemen geen speciale dingen mee vanuit Nederland. En we eten gewoon in de restaurants die wij zelf leuk en lekker vinden.

Wat we vanaf het begin wel hebben gedaan is al het melkpoeder zelf meenemen. Dat is in het verre buitenland meestal niet zo goed verkrijgbaar. En als het al te koop is dan is de smaak soms heel anders dan in Nederland. Zo gingen we naar Amerika met 4 volle bussen wit poeder het vliegtuig in, op zich wel een spannend moment bij de douane.

Overnachten

Wat betreft de overnachtingen zoeken we naar de beste mix van airbnb, booking.com en Hostelling International, aangevuld met wat idiosyncratische treinstellen/woonwagens/hutten die alleen via email gereserveerd kunnen worden. Tot een jaar geleden ging er standaard een Deryan tent mee – een ideale uitvinding.

Voor Cuba hadden we besloten dat we zo veel mogelijk bij mensen thuis wilden overnachten. Dit is volgens ons de leukste (en goedkoopste) manier om Cuba te beleven. We hebben dan ook overnacht in ‘casas particulares’ die we online hebben vastgelegd via www.bbinnvinales.com. En op Curaçao huurden we een geweldig (en betaalbaar) huis met zwembad: Antillean Dream. Echt een aanrader.

Rollen en dragen

slaapBaby’s onder 1 jaar:
Voor het vervoer van onze kleinste spruiten (tot ongeveer 1 jaar oud) namen we een tweedehands fullsize buggy mee in plaats van een lichtgewicht paraplu-buggy. Hier hebben we in Amerika en IJsland heel veel plezier van gehad. Een goede buggy loopt en ligt met een baby toch heel wat beter dan zo’n wankele lichtgewicht buggy. We hebben heel wat kilometers vrij probleemloos over de rotsen en door zand gelopen, dat hadden we met een lichtgewicht buggy echt niet zo makkelijk kunnen doen. Voor een kleine baby namen we ook altijd een draagzak mee, bijvoorbeeld een Babybjörn buikdrager.

Dreumes/peuter:
Zodra de kinderen goed zelfstandig kunnen zitten gaan ze in de Deuter rugdrager – een geweldig ding. Deze rugdrager wilden we in eerste instantie ook mee naar Zuid-Afrika, maar toen kenden we nog niet het gemak van de Patapum lichtgewicht rugdrager. Die ging dus mee, zowel naar Zuid-Afrika als naar Cuba – exit Deuter rugdrager zou je denken. Maar de Deuter werd toch weer in ere hersteld toen kind nummer 2 zich aandiende. De Deuter leverde net iets minder rugklachten op dan de Patapum en heeft een boel meer opbergvakken, iets dat wel handig is met een uit de hand gelopen fotografiehobby…

Naast de rugdrager ging er de eerste jaren ook altijd een lichtgewicht paraplu-buggy mee. Ondanks alle nadelen toch nog altijd handiger dan niks meenemen. Onze ervaring is echter dat buggy’s nog al eens verdwijnen op Schiphol. Wij zijn er al twee kwijtgeraakt. Neem dus vooral geen al te dure mee.

Kleuter:
Zodra ze kunnen lopen laten we ze zoveel mogelijk zelf lopen. We zijn nu zo ver dat er niets meer meegaat. Heerlijk, we reizen onderhand weer helemaal lichtgewicht.

Gezondheid

Wij hoeven voor de meeste van onze bestemmingen geen speciale maatregelen te nemen. We komen met kleine kinderen (bewust) niet in malaria-, dengue- of zikagebied. Dat wil niet zeggen dat wij het andere mensen met kleine kinderen afraden, wij hebben er nu gewoon even geen zin in. Wel nemen we van huis altijd een EHBO-doos mee met o.a. het volgende: paracetamol, baby-ORS en veel babyvriendelijke zonnebrandcrème (Vision).

Voor Zuid-Afrika en Cuba hebben we met de GGD overlegd welke vaccinaties Teun nodig had en hebben we met de huisarts overlegd wat we het beste in onze EHBO-doos konden stoppen.

Reisverzekering

Wij hebben een doorlopende reisverzekering met werelddekking voor ons vieren bij Mondial Assistance. Daarnaast hebben we ook een doorlopende annuleringsverzekering.

Meer weten? Lees hier een interview met ons en kijk eens bij onze favorieten.

Nog meer overtuiging nodig hoe makkelijk en leuk het is om te gaan reizen met kinderen? Misschien kunnen de volgende foto’s je overhalen: